Tijdens deze reis bezoek je uitgebreid twee van de meest geliefde regio’s van Italië, Toscane en Umbrië. Je krijgt goed de mogelijkheid het beste van beide gebieden te zien, waar de regio’s op elkaar lijken, maar ook waar zij van elkaar verschillen.
Toscane:
Iedereen heeft wel een beeld van Toscane, misschien wel het symbool van het goede Italiaanse leven. Nergens ter wereld heeft de mens het landschap zo mooi kunnen inrichten als juist hier. Zwierige cypressenlanen, zachtglooiende heuvels vol met wijnranken of knoestige olijfbomen. Daartussen eeuwenoude vermaarde en drukbezochte kunststeden als Florence, Siena of Pisa, maar ook kleinere kunststadjes waar naar ons gevoel het lommerrijke ‘dolcevita’ nog steed rustig voortkabbelt. Er was – en er is nog steeds – inspiratie alom om de mooiste kunstwerken te maken. Toscane is immers de regio van onder andere Leonardo da Vinci en Michelangelo.
Umbrië:
Naast Toscane – midden in de Appenijnen – gelegen regio wordt Umbrië het ‘groene hart’ van Italië genoemd. Duidelijk bosrijker heeft ook Umbrië haar zacht glooiende heuvels met olijfbomen en daartussen eeuwenoude rijk aan cultuur gezegende kunststadjes; denk maar aan Assisi of Orvieto. Verder is het Trasimeense Meer, het grootste meer van Midden-Italië, een grote trekpleister van deze regio. De belangrijkste persoon die na acht eeuwen nog steeds zijn invloed laat gelden is Franciscus van Assisi, de patroonheilige van Italië. Overal waar hij is geweest hebben de mensen dat willen vereeuwigen, veelal op indrukwekkende wijze.
Dag 1 Vliegreis Amsterdam – FlorenceFlorence – Montecatini 50 km. Je vliegt vanaf Schiphol met Alitalia naar Italië. Na aankomst neem je jouw huurauto in ontvangst en rijdt u richting Montecatini Terme. Montecatini is één van de meest geliefde kuuroorden van Italië. Veel groen, een prachtig park en veel huizen/hotels in een art deco stijl. Mocht het tijdstip van de vlucht het toestaan dan is wellicht een kabeltrein ritje naar het oude middeleeuwse Montecatini een mooi begin van de reis.
Dag 2 Pisa en Lucca 120 km Vandaag twee kunststeden – door een puist in het landschap van elkaar gescheiden – met een geheel eigen karakter: Pisa en Lucca. Pisa is natuurlijk wereldberoemd om haar scheve toren. Nee, hij valt niet! Fotogeniek als de toren is, zult u het waarschijnlijk niet kunnen laten er één te maken waarop duidelijk zichtbaar is dat je de toren helpt overeind te blijven staan. Maar Pisa heeft meer, naast de toren zijn op het ‘Wonderenplein’ nog een prachtige kathedraal, Baptisterium en Camposanto, de oude begraafplaats te vinden. Lucca is heel anders van karakter. De stad kan zich niet beroemen om een specifiek bouwwerk of kunstvoorwerp, maar is juist niet te missen om het geheel van de stad. De brede intacte stadsmuren, de vele lieflijke pleinen genoemd naar de middeleeuwse kerken die er aan liggen en de gezellige winkelstraatjes, maken van Lucca wellicht de slenterhoofdstad van Italië.
Dag 3 Florence 80 km. De hoofdstad van Toscane mag niet worden overgeslagen. Omdat parkeren soms lastig is, kun je wellicht de trein nemen die je vanuit Montecatini rechtstreeks naar Florence brengt. Het station is niet ver van het hotel. Omdat overdaad schaadt – ook in de kunst – moet de stad voorzichtig benaderd worden, om het Stendhal-syndroom te voorkomen. Mensen met dit syndroom konden teveel kunst niet aan en moesten opgenomen worden. Echt niet alles kan gezien worden! Highlights zijn natuurlijk de Duomo met Baptisterium, Piazza della Signoria en de Ponte Vecchio. Veel van de kunstvoorwerpen bevinden zich in musea, zoals Uffizi (helaas lange wachtrijen, maar met recht het beroemdste museum van Italië) of Galleria dell’ Academia (met de originele David van Michelangelo). Vaak wat rustiger en absoluut de moeite waard zijn de kerk de S. Croce of Cappella Medicea bij de S. Lorenzo.
Dag 4 Vinci en Volterra 200 km. Vinci is het geboortestadje van Leonardo, vooral bekend van kunstwerken buiten Toscane. Het stadje heeft een mooi museum waarin veel van zijn ontwerpen te zien zijn. Natuurlijk mogen ook de Etrusken niet vergeten worden. Dit mysterieuze volk bewoonde Toscane en Umbrië voordat de Romeinen het gebied veroverden. Maar nog steeds zijn her en der verspreid hun bouw- en kunstwerken zichtbaar. Bijvoorbeeld in het spectaculair gelegen Volterra. Vermaard is het museum Guarnacci, maar er zijn verder Romeinse opgravingen en een mooie middeleeuwse stad te zien.
Dag 5 San Gimignano en Chianti streek 100 km. Ten zuiden van Florence ligt de Chianti wijnstreek, die eindigt in die andere beroemde kunststad: Siena. Glooiende heuvels vol wijnranken of zonnebloemvelden bepalen het landschap met hier en daar oude stadjes. Vanuit Florence loopt een mooie route, de Via Chiantigiana, midden door het hart van deze streek langs stadjes als Greve en Castellina. Niet overgeslagen mag worden is San Gimignano, ook wel het middeleeuwse Manhattan genoemd, omdat nog steeds 13 torens uit die periode van verre fier het stadsbeeld domineren.
Dag 6 Monteriggioni en Siena 80 km. Het hoofddoel van vandaag is Siena, maar onderweg is een korte stop in Monteriggioni een plezierig intermezzo. Van een afstand is het onduidelijk wat het is, een kasteel, een burcht of toch een ommuurd middeleeuws dorp. Uiteindelijk blijk je alle drie te zien. Het was in ieder geval de bedoeling van de bouwers – de stad Siena – om de Florentijnen uit de buurt te houden. Ook binnen de muren is het oude karakter aardig behouden gebleven. Diena is vermaard om haar Palio, de paardenrace, die twee keer per jaar op het Piazza del Campo wordt gehouden.
Dag 7 Val d’Orcia 200 km. Waar komen toch de bekende plaatjes van Toscane vandaan, dat plukje cipressen tussen de graanvelden, dat landhuis op de zachtglooiende heuvel, die cipressenlaan die zigzaggend een berg op- of afgaat? Juist, uit de Orcia-vallei. Ten zuiden van Siena bevindt zich dit beroemde landschap aan weerszijden van het riviertje de Orcia. Tussen het landschap liggen prachtige oude stadjes zoals het middeleeuwse San Quirico en Pienza uit de renaissance. Het gebied wordt begrensd door twee stadjes, die de naam hebben gegeven aan twee van de beste rode wijnen van Toscane: de Brunello uit Montalcino en de Vino Nobile uit Montepulciano.
Dag 8 Trasimeense Meer 110 km. Na een week is een wat rustige dag een welkome aanvulling. Waar is dat niet beter mogelijk dan aan het water. Ziedaar het Trasimeense Meer op de grens van Toscane en Umbrië. In het gezellige Passignano vertrekken regelmatig de veerboten naar de eilanden in het meer. Zeker het Isola Maggiore is het bezoeken waard. Je kunt hier alvast kennis maken met Franciscus van Assisi, die hier een tijdje heeft verbleven. Op het eilandje is een klein dorpje met wat restaurants. Maar het beste om te doen is een mooie gemarkeerde wandeling te maken van een uurtje over het eiland. Vanaf de top van het eiland heb je een prachtig overzicht van het meer en haar wijde omgeving. Een ander lieflijk plaatsje aan het meer is het nog ommuurde Castiglione del Lago. Einddoel vanavond is ons hotel in Umbrië in de omgeving van Magione niet ver van het Trasimeense Meer.
Dag 9 Perugia en Assisi 80 km. De hoofdstad van Umbrië, Perugia, is al sinds de Etruskische tijden bewoond. In de stad zijn bezienswaardigheden van alle tijden te zien, Etruskisch, Romeins, middeleeuws, renaissance, barok maar ook hypermoderne stadswijken. De hooggelegen stad is erg levendig door de twee universiteiten. Roltrappen brengen je van parkeerplaatsen naar het centrum, soms zelfs door ondergrondse straten. De Corso Vannucci is een brede winkelstraat eindigend bij de kathedraal en de middeleeuwse fontein Fontana Maggiore. Niet ver van Perugia ligt Umbrisch beroemdste stadje Assisi, natuurlijk vermaard om Franciscus. De basiliek van Franciscus bestaat uit twee op elkaar gebouwde kerken met ieder een eigen atmosfeer maar beiden rijkelijk versierd met de mooiste fresco’s. Het stadje heeft overal uitingen van Franciscus en zijn volgelingen. Aangenaam is de Piazza del Comune met bars, terrasjes en restaurantjes en een Romeinse tempel die van binnen een kerk blijkt te zijn.
Dag 10 Todi en Orvieto 200 km. Opnieuw twee typisch Umbrische stadjes met ieder een geheel eigen atmosfeer. Todi is de laatste tijd bekend geworden nadat de stad als de meest leefbare stad ter wereld werd genoemd. Hooggelegen is de stad toch goed bereikbaar doordat, net zoals vele andere stadjes in Umbrië, roltrappen of funicolare (bergtreintjes) de inwoners en bezoekers de steilste stukken laat overbruggen. Boven gekomen, bepalen kronkelende steegjes en open pleinen het middeleeuwse stadsbeeld. Orvieto ligt ook op een heuvel, maar nu gebouwd op vulkanisch tufsteen. Zoals zo veel steden is Orvieto van Etruskische origine (te zien aan de begraafplaats aan de voet van de heuvel, of in het Nationaal Archeologisch Museum), maar nu vooral beroemd om haar witte wijn en gotische Duomo. Uiterlijk heeft deze Duomo wel wat weg van die Duomo van Siena maar de sfeer binnenin is toch compleet anders.
Dag 11 Magione – Florence 150 km. Vliegreis Florence – Amsterdam
Helaas al weer de laatste dag van jouw verblijf hier in Italië. Nadat u de huurauto heeft ingeleverd checkt je in voor uw vlucht met Alitalia naar Amsterdam.
bijzonderheden:
De dagbeschrijving – waarin de belangrijkste bezienswaardigheden zijn opgenomen - is slechts een voorstel. Je kunt jouw dagindeling uiteraard geheel aanpassen aan jouw wensen aangezien je meerdere dagen in ieder gebied verblijft.Vertrek uit Nederland: uitsluitend op zondag en woensdag. Bij vertrek op zondag ga je op dag 4 naar de Chianti streek en bij vertrek op woensdag ga je op dag 5 naar de Chianti streek.
De vakanties op deze site zijn een selectie uit ons totale vakantieaanbod. Mocht deze vakantie dus niet precies zijn wat je zoekt dan kijken wij graag voor je verder. Geef in elk geval al je wensen, vragen en voorkeuren op in het veldje 'opmerkingen' van het aanvraagformulier en wij houden er rekening mee! Alle informatie op deze site is onder voorbehoud van wijzigingen; prijzen en beschikbaarheid zijn onder voorbehoud.